Voorlees verhaaltjes

Voorlees verhaaltjes over Tim en Tommie

en tevens tips voor het slapen gaan

Voorlees verhaaltjes zijn een belangrijk onderdeel binnen de opvoeding van kleine kinderen. Het is een bekend feit dat het voorlezen van verhaaltjes, het aanleren en samen opzeggen/ zingen van korte versjes en liedjes en het vertellen van sprookjes enorm goed zijn voor de ontwikkeling van de taal en het gevoel voor taal bij kinderen. Zelfs baby’s kunnen immers al heel oplettend luisteren als er iemand tegen hen praat, hoewel ze daar dan nog niets van begrijpen en vermoedelijk alleen naar de buiging van de stem luisteren.

Verhaaltjes voorlezen verbetert de taalkennis en het spreken van het kind

Peuters en kleuters leren door het voorlezen van verhaaltjes niet alleen beter spreken, maar vinden het bovendien gezellig als iemand de tijd neemt om boekjes met hen door te kijken, voor te lezen, versjes op te zeggen of liedjes te zingen. Het is een vorm van aandacht, waarbij de altijd leergierige kleintjes spelenderwijs op een leuke manier hun moedertaal steeds beter leren spreken.

Peuters kunnen niet lang luisteren

Peuters kunnen slechts kort ingespannen luisteren naar een verhaaltje. Dat moet dan ook niet al te lang zijn en het heeft bij hen eigenlijk het meeste effect als er tegelijk plaatjes bij gekeken kunnen worden. Kleuters (vanaf vier jaar) kunnen al langer naar verhaaltjes luisteren en steken er vaak ook al meer van op. Ouders worden regelmatig door hun kleuter verbeterd als ze een verhaaltje de volgende dag anders vertellen dan de vorige dag het geval was.

Het nut van het ‘s avonds voorlezen

Vooral verhaaltjes voor het slapen gaan hebben, naast het nut voor de ontwikkeling van de taal, meerdere functies: ze helpen het kind rustiger worden, waardoor het gemakkelijker inslaapt, er wordt beter geluisterd omdat het kind in zijn bedje niet afgeleid wordt door tv of andere mensen in de kamer en de regelmaat van het elke avond terugkerende ritueel stelt het kind ook gerust.

Rustgevend voor de ouder die voorleest

Ook voor de verhaaltjes vertellende ouder werkt het kalmerend, vooral na een drukke dag. Het is een goede en aangename afsluiting van de dagelijkse beslommeringen. Sommige kinderen willen steeds weer dezelfde verhaaltjes horen. Dat is geen probleem, maar draai het ook eens om en laat het kind het verhaaltje dan eens aan u vertellen. U zult versteld staan van wat het kind zich van het verhaaltje herinnert. Sommige kinderen verzinnen er zelfs nog verschillende dingen bij, wat het verhaaltje vaak nog leuker kan maken.

Een voorlees verhaaltje

Na het introductieverhaaltje over Tim en Tommie (dat altijd blijft staan om nieuwe lezers in te leiden) volgt steeds een nieuw voorlees verhaaltje van deze serie. U ziet dus steeds twee voorlees verhaaltjes, waarvan het tweede verhaaltje regelmatig vervangen wordt door een ander. Met behulp van de iPad kunt u deze website met verhalen ook binnenhalen en de verhalen gemakkelijk aan het bed van uw kind voorlezen.

Tips voor het slapen gaan

Een aantal tips waardoor uw kind ‘s avonds gemakkelijker gaat slapen vindt u bovendien onder aan deze pagina.

 

TIM EN TOMMIE

Tim en Tommie zijn broertjes.

Ze hebben dezelfde mamma en dezelfde pappa.

Pappa werkt bij de krant, drie dagen in de week. Mamma moet ook werken. Ze maakt boeken voor grote mensen. Op de computer! Helemaal alleen in een kamertje. Met de deur dicht! Dat is niet zo erg hoor, want als mamma in het kamertje zit is pappa meestal thuis. Dan zorgt hij voor het huishouden en voor Tim en Tommie.

Oma komt vaak oppassen

En als pappa er niet is, komt oma. Dat is zeker zo leuk, want oma heeft altijd tijd om spelletjes te spelen.

Soms maakt mamma ook wel eens een verhaaltje voor kinderen. Als ze het klaar heeft mogen Tim en Tommie naast haar op de bank komen zitten en mamma leest het verhaal dan voor. Lekker gezellig!

Tim is het grootste van de twee broertjes. Hij is bijna vijf. Hij gaat ook al naar school. Maar heel vaak heeft hij ook vakantie en op zaterdag en zondag heeft hij altijd vrij.

Tim heeft ook krullen. Een heleboel!

Zóveel dat mamma en pappa hem altijd met een echte grote-mensen-borstel moeten borstelen. Kammen met een kam gaat echt niet. Dat doet veel te veel pijn.

Tommie is veel kleiner dan Tim.

Hij is ook pas drie, maar over een poosje wordt hij al vier.

Tommie heeft niet zoveel krullen als Tim. Hij heeft er maar een paar.

Tim durft heel veel

Hij durft bijna alles!

Met zijn hoofd onder water, in bomen klimmen, heel hard rennen, op twee wielen fietsen, op hoge trappen klimmen en van wel viér treden naar beneden springen!

Tommie durft dat allemaal niet

Hij is een beetje bang.

Hij is bang voor water in zijn gezicht, voor de sneeuw die hij akelig en koud vindt, voor hoge trappen en voor hard lawaai.

Soms is er ruzie

Vaak kunnen Tim en Tommie heel mooi samen spelen, maar soms, soms maken ze ook ruzie.

Dan zijn ze vreselijk boos op elkaar.

Na een poosje gaat dat wel altijd over en daarna zijn ze weer vriendjes.

Ze zijn ook wel eens erg ondeugend, maar dat zijn alle kinderen, of niet?

– – – – – – – – – – – – – – – – – – –

RUZIE!

Tim en Tommie spelen met de blokken.

Tim maakt een lange straat. Een straat met veel bochten. Daar mogen zo meteen de auto’s door rijden.

Tommie bouwt een garage. Het wordt een móóie garage. Alle blokken staan netjes naast elkaar.

Als de straat en de garage klaar zijn, zoeken Tim en Tommie alle autootjes uit hun speelgoedkist. Het zijn er heel veel! Er is een vrachtwagen, een brandweerauto, een takelwagen en een grote auto met allerlei kleine autootjes erop.

De brandweer mag in de garage. Die moet er pas uit als er ergens brand is.

Tommie rijdt met de takelwagen door de straat. In een bocht stoot hij tegen de stoep.

“Pas op! Je maakt de straat kapot!” roept Tim boos.

Hij legt de blokken van de straat weer allemaal netjes op hun plaats terug.

Tommie is óók boos. Hij deed het toch zeker niet expres! Waarom moet Tim dan zo lelijk tegen hem doen?

Hij maakt de straat wéér kapot. Weer met de takelwagen.

“Tommie! Dat vind ik helemaal niet leuk!” roept Tim. “Als je dat nog eens doet, maak ik jouw garage óók kapot.”

Tommie steekt zijn tong uit en maakt met allebei zijn handen de straat van Tim nu helemaal kapot. Tim begint te huilen en wordt dan heel kwaad.

Hij maakt de garage van Tommie ook kapot. Nu huilen ze allebei.

Mamma komt binnen. “Nee, maar!” moppert ze, “wat zijn jullie dom! Zo kunnen jullie toch niet meer spelen. Kom, dan help ik jullie het weer opbouwen.”

Even later staat alles weer op zijn plaats. Het is zelfs nog mooier, want mamma heeft er nog een huisje bij gebouwd.

“Nu niets meer kapot maken, hoor,” zegt mamma. “Als jullie geen ruzie meer maken lees ik dadelijk mijn nieuwe verhaaltje voor als het klaar is.”

“Ha, fijn,” lacht Tim.

“Fijn”, zegt Tommie.

“Brrrummm,” zegt de auto van Tim weer.

“Brrrummm,” zegt ook de auto van Tommie.

– – – – – – – – – – –

Tips voor het slapen gaan van peuters en kleuters

Laat het kind niet te laat gaan slapen
De meeste kinderen blijven graag op en willen niet naar bed, maar ze hebben hun slaap hard nodig. Als ze eenmaal in bed liggen en rustig zijn, vallen de meeste kinderen dan ook snel in slaap.  Het voorlezen van verhaaltjes is een goede manier om het kind na het ritueel van wassen, pyjama aantrekken en in bed stoppen, helemaal tot rust te krijgen.

Houd het laatste half uurtje voor het slapen gaan heel rustig

Dus niet verstoppertje spelen, kietelen, tikkertje, enzovoort, maar in plaats daarvan samen een boekje kijken, tekenen, samen naar een kinderprogramma kijken, knuffelen.

Maak een dagelijks ritueel van het slapen gaan

Uitkleden, wassen, tanden poetsen, lekker instoppen, eventueel een gebedje opzeggen of een liedje zingen. Dat geeft rust en bereidt het kind voor op de nacht.

Is uw kind bang in het donker, laat dan een nachtlichtje branden

Probeer uit te zoeken waar het kind in het donker bang voor is. Veel kinderen zijn bang voor “iemand die onder het bed zit”.  Is dat zo, kijk dan samen met het kind even onder het bed, zodat het weet dat er echt niets is.

Blijf zo nodig even in de buurt tot het in slaap gevallen is

Zoek desnoods iets dat u intussen kunt doen. Het kind hoort u bezig en vindt dat meestal geruststellend.

Wordt het kind ‘s nachts wakker, haal het dan niet uit bed

Maak ook niet het grote licht aan (want dan is het meteen helemaal wakker en slaapt niet meer in), maar leg uw hand even op de wang van het kind en spreek het geruststellend toe. Meestal valt het dan vanzelf weer in slaap.

Veel succes!

 

Mocht u meer willen voorlezen en bijvoorbeeld een grappig sprookje of een leuk sinterklaasverhaaltje of kerstverhaal willen voorlezen aan uw kinderen, klik dan even op de link.

Attentie!

Alle teksten, foto’s en andere afbeeldingen op de pagina’s van deze website vallen onder het auteursrecht en mogen niet verveelvoudigd, gekopieerd (via druk, fotokopie, microfilm of op welke wijze dan ook), openbaar gemaakt of elders op internet gezet worden  zonder voorafgaande toestemming van de auteur en eigenaar van deze website.