Vasten

Vasten is niet alleen voor alle katholieken

De vastentijd ligt vlak voor Pasen. In elk geval is dat voor alle katholieken de vastentijd. Veertig dagen lang, in navolging van de vasten van veertig dagen die Jezus in de woestijn heeft doorgebracht, voordat hij aan zijn openbare leven begon. In die tijd weerstond hij alle verlokkingen en verleidingen. Ook van de katholieken wordt verwacht dat zij veertig dagen lang zich beperken in eten en drinken.

Twee vastgelegde dagen om te vasten

De katholieke kerk heeft twee vastgelegde dagen waarop haar leden zeker moeten vasten. Op Aswoensdag en Goede vrijdag mag geen vlees gegeten worden en mogen alle gelovigen tussen de 18 en de 60 jaar die dagen slechts een volledige maaltijd tot zich nemen. Ouderen, kinderen en jongeren in de groei, evenals zieken, zijn hiervan vrijgesteld. De rest van de veertig vastendagen mogen ingevuld worden, zoals de gelovigen dat zelf bepalen. Dat betekent dat ze mogen vasten in de vorm van minder eten en drinken, maar ook in de vorm van liefdadigheid en het doen van boete, extra gebed en bezinning.

Voorbereiding op het paasfeest

Het is een tijd die tevens een voorbereiding is op het paasfeest. Een tijd van boete, berouw, bezinning en inkeer. Het woord “vasten” betekent letterlijk “onthouding”. Het betekent niet alleen het zichzelf lekkere en aangename dingen ontzeggen, maar ook het doen van goede werken, het geven aan liefdadigheid en het zich bezinnen op de kern van het leven en het hiernamaals.

Alle religies kennen het vasten

Niet alleen katholieken en de protestanten, maar ook joden, islamieten, boeddhisten en hindoeïsten kennen het. Elke religie vult het vasten op zijn eigen manier in, maar het komt overal op hetzelfde neer: boetedoening en bezinning, inkeer en liefdadigheid. Het vasten is dus alom bekend en is ingeburgerd in de samenleving.

In zak en as zitten

In vroegere tijden werd er ook vaak gevast na het overlijden van een geliefde. Er werd dan tevens as op het hoofd gestrooid en een jute zak diende als kleding. Daar komt ook de uitdrukking “in zak en as zitten” vandaan.

Ook de natuur geneeskunde kent het 

Vasten is niet alleen heilzaam voor de geest, maar ook voor het lichaam. Binnen de natuur geneeskunde staat het vasten bekend als het reinigen van alle slakken die het lichaam vastgehouden heeft, waardoor alle organen weer beter zullen gaan werken. Het vasten dient dus in feite lichaam en geest en is van alle tijden.

Vasten doet ook goed

Vooral in onze westerse cultuur met mensen die te vaak te dik zijn, kan het ook heel gezond zijn. Wie wat teveel weegt en structureel kleinere maaltijden neemt en dat ook veertig dagen vasthoudt, is goed bezig. Minder wegen betekent vaak ook minder snel diabetes krijgen en minder andere gezondheidsproblemen, die met het overgewicht te maken hebben.

Andere, moderne methoden

Het “onthouden” kan meer betekenen dan alleen het onthouden van eten en drinken. Het kan in deze moderne tijden ook betekenen dat u minder sms’t, minder vaak e-mails bekijkt, minder vaak op internet surft of gewoon minder vaak gaat shoppen, de fiets in plaats van de auto neemt, en ga zo maar door. Gewoon zich dingen ontzeggen dus, die u graag doet.

Informatie over katholieke feestdagen.

Aswoensdag

Aswoensdag en het askruisje voor de vasten

En dan is het Aswoensdag. Een grotere tegenstelling dan tussen het uitgelaten carnaval en Aswoensdag is er niet te vinden. Waar het carnaval op veel plaatsen in de wereld een uitgelaten feest is, waarbij de ernst van het leven een paar dagen opzij gezet wordt, komt met Aswoensdag die ernst in alle hevigheid terug. Aswoensdag luidt voor alle katholieken het begin van de vasten in. De vasten is een tijd van boete en berouw, inkeer en bezinning. Het is tevens de herdenking van de veertig dagen vasten die Christus in de woestijn heeft doorgebracht en waar hij aan alle verlokkingen van het leven weerstand bood.

 

Katholieken halen op Aswoensdag het askruisje 

Het askruisje, waarmee alle katholieken (en ook sommige protestanten) op Aswoensdag thuis komen, is een teken van de vergankelijkheid van het leven. Een herinnering aan het feit dat het leven eindig is en we allemaal teruggaan naar het beginstadium. Niet voor niets wordt dan gezegd: “Gedenk, mens, dat gij stof zijt en tot stof zult wederkeren”. Het askruisje, dat tijdens de boeteviering wordt uitgereikt, blijft de hele dag op het voorhoofd, tot de avondlijke wasbeurt. Als kind vonden wij het altijd leuk om de askruisjes met broertjes, zusjes, vriendjes en vriendinnetjes te vergelijken. Sommige priesters waren er wat slordig in, waardoor er slechts een zwarte veeg op het voorhoofd van de gelovigen landde. Anderen zetten echter zorgvuldig een mooi, zwart kruis op het voorhoofd. De as moet wat vochtig zijn, om daar een mooi kruis mee te kunnen maken en daar zit wel eens verschil in. Droge as laat zich immers niet uitsmeren en blijft niet plakken.

 

Verplichte vastendagen

Twee door de kerk verplichte vastendagen zijn Aswoensdag en Goede vrijdag. Op die dagen wordt van de gelovigen verwacht dat de volwassenen tussen de 18 en de 60 jaar die dagen slechts een volledige maaltijd nemen en de andere maaltijden minder eten dan anders. Vlees is die dagen verboden en wordt meestal vervangen door vis, kaas of eieren. Ook wordt er verwacht dat men dan matig is met drank. Voor de rest van de vastentijd wordt de mate van vasten aan de gelovigen overgelaten. Ook kunnen de gelovigen boete doen in de vorm van “liefdewerken”.

 

Haring happen op Aswoensdag

In veel delen van het land gaan gelovigen na de mis en het ontvangen van het askruisje het café in om daar te gaan “haring happen”. In feite hoort dat niet echt bij het vasten op Aswoensdag, maar het eten van vis is dat wel. Alleen wordt dat dan weer vaak stevig weggespoeld met een pint bier. Op die manier plakken sommigen nog een dagje extra aan het carnaval vast, wat eigenlijk niet de bedoeling is, maar wel getolereerd wordt.

Het verdienen van aflaten

Aflaten verdienen hoorde bij het biechten en de voorbereiding op Pasen. Aflaten verdienen kon men op diverse manieren en vormden de stenen op de weg naar de hemel. Wie veel aflaten verdiende was meer zeker van een plaatsje in het paradijs. Schoolkinderen maakten er vaak een sport van. Snel bidden, de kerk uitrennen, weer naar binnen en voor de volgende aflaat bidden. Het verdienen van aflaten is tegenwoordig zo ongeveer helemaal verleden tijd. Niemand gelooft er meer in en niemand doet er nog iets aan.

 

Aswoensdag is het begin van de voorbereiding op Pasen

De vasten is een voorbereiding op het hoogfeest van Pasen. In deze tijd is paars de liturgische kleur in de kerk. Vooral Aswoensdag, de Goede Week en daarin speciaal Goede vrijdag, zijn de hoogtepunten van de vasten en de herdenking aan het lijden van Christus. Elke gelovige vult deze veertig vastendagen naar eigen vermogen in. Aswoensdag en Goede vrijdag zijn echter de verplichte vastendagen.

 

Het snoepdoosje uit de jaren vijftig

De vasten is echter de vasten van vroeger niet meer. Ik kan me herinneren dat wij als kinderen een snoepdoosje voor de vasten hadden. Daar gingen alle snoepjes in die je als kind wel eens van de een of ander kreeg. Stiekem snoepen was er niet bij. De ouders controleerden het snoepdoosje soms en als een kind dan al eens in de fout gegaan was, hadden broertjes of zusjes dat al snel verklapt. Eigenlijk was dat snoepverbod niet zo erg, want als op paaszaterdag de klokken begonnen te luiden was de vasten voorbij en mocht het doosje open. Een feest voor de kinderen. Op veel plaatsen wordt dit gebruik weer in ere hersteld.
Op Aswoensdag volgt de vasten als de bezinning na het uitgelaten feest van Carnaval.

Carnaval

Carnaval in Limburg spettert van plezier

clown
Bij het Limburgse carnaval kom je veel clowns tegen, maar ook allerlei andere, prachtig verklede figuren.

Carnaval in Limburg is iets heel anders dan het carnaval in de rest van Nederland. Zo tegen carnavalstijd zie en hoor je half Nederland met een scheef oog meesmuilend naar Limburg kijken en rare opmerkingen maken. In Limburg wordt immers “veel gedronken, gefeest en allerlei onzin uitgehaald, waar normale mensen helemaal geen boodschap aan hebben.” Wie nog nooit met carnaval in Limburg is geweest en er drie dagen lang compleet ondergedompeld was tussen de feestvierende Limburgers, kan er echter ook niet over oordelen. Het carnaval in Limburg is een drie daags groot feest van verbroedering en plezier, waar iedereen die onbevooroordeeld eraan meedoet, van harte welkom is.

 

Met carnaval drie dagen vrij

Veel Limburgers hebben traditioneel de drie carnavalsdagen vrij en werken dan ook niet. Scholen houden daarmee al rekening tijdens het opstellen van de jaarroosters. Er wordt veel tijd besteed aan het verkleden, het meelopen met, of kijken naar de diverse optochten en het uitgaan. Thuis wordt eerst gezorgd voor een stevige ondergrond in de vorm van eieren met spek, een koude schotel, lasagne, nasi of friet. Op die manier kunnen de feestvierders niet alleen beter de eventuele biertjes verdragen, maar ook de kou, die in februari best fiks kan zijn. Veel zaken zijn gesloten en ook de gemeentekantoren zijn op verschillende plaatsen slechts beperkt of helemaal niet open.

 

Carnaval is een feest met een katholieke inslag

Carnaval is bedoeld om nog even uit je dak te gaan, voordat de vastentijd begint. Die link met de vastentijd is er nog steeds. Veel carnavalsverenigingen gaan samen met hun prins en de raad van elf samen naar de H. Mis op carnavalszondag. Vanwege het begin van de vastentijd is op dinsdagnacht om klokslag 12 uur alles afgelopen en gaat iedereen naar huis. Carnaval is geen hersenloze bedoening, zoals de Noorderlingen dat iedereen graag willen doen geloven, maar gewoon nog even feestvieren en gek doen, voordat de ernst van de vastentijd begint. Niet iedereen drinkt alcohol, maar feestvieren doet iedereen.

 

Kinderoptochten met carnaval

Kinderoptochten trekken meestal een week voor het eigenlijke carnaval. Alle grote carnavalisten kunnen bij die optocht meteen proefdraaien voor de grote optocht die een week later valt. Toch gaat het bij de kinderoptochten om de kinderen zelf, die dan ook vaak in grote aantallen meetrekken. Vaak vergezeld van ouders, waardoor de kinderoptocht eigenlijk meer een familie optocht is. In de kinderoptocht is de kinderprins het belangrijkste. Hij heeft de mooiste wagen en mag snoep en cadeautjes uitstrooien. Prachtig verklede en geschminkte kindertjes liggen vaak in hun mooi versierde kinderwagens of bolderwagens lekker te slapen tussen het oorverdovende lawaai van de muziek en de mensen. Leuk om te zien.

 

Het hoogtepunt van carnaval

Het hoogtepunt van het carnaval is de optocht. Elke zichzelf respecterende stad of dorp, hoe klein ook, heeft zijn eigen optocht. Wagens van verschillende dorpen trekken met elkaar op, want waar de grotere steden en dorpen hun optocht op de zondagmiddag hebben, wijken de kleinere gemeenten met hun optocht vaak uit naar de zaterdag ervoor, of de maandag of dinsdag erna. Op die manier kunnen de bouwers van de wagens het optimale nut uit hun werk halen. Wie op zaterdag met een prachtige wagen of groep in de optocht van Meers (tussen Maas en Kanaal) heeft getrokken, doet dat op zondagavond vaak nog eens stevig over in de optocht van Stein, ‘s avonds in de lichtstoet van Beek en een dag later in de optocht van Urmond . Tijdens de optochten worden snoep en cadeautjes uitgestrooid. Daar zijn zelfs speciale handschoenen in de carnavalskleuren voor ontwikkeld.

 

De lichtstoet van Beek

handschoenen
Met deze handschoenen kan men gemakkelijk snoep en cadeautjes rapen, zonder koude handen te krijgen.

Omdat de kinderoptocht van Beek op carnavalszondagmiddag weinig bezoekers trok, omdat die naar andere, grote optochten in de dorpen en steden van de omgeving gingen kijken, heeft Beek een uniek idee uitgewerkt. Sinds jaren trekt de kinderoptocht in de vorm van een lichtstoet op de zondagavond bezoekers en kijkers uit de verre omgeving. Heel veel lichtjes en vooral het blacklight geeft de stoet een heel aparte uitstraling. Het enige nadeel is dat het altijd kouder is dan bij de optochten die overdag gehouden worden. Na zonsondergang daalt wel altijd de temperatuur. Goed warm aankleden is daarom noodzakelijk.

 

Straat carnaval

Van oudsher wordt carnaval op straat gevierd. Vroeger kwam men ook in de dorpen op straat allerlei kraampjes tegen met snelle snacks, frites en “zoer vleisch” (zuur vlees), wat een echt Limburgs gerecht is dat vooral met carnaval geliefd is. Er staan veel recepten op internet. Het gerecht bestaat hoofdzakelijk uit rundvlees, appelstroop, peperkoek, uien, peper, zout, een paar jeneverbessen, azijn, laurierblaadjes en wat kruidnagel. Het zorgt voor een stevige ondergrond en wordt gegeten met friet en een verse salade. Bijna alle friettentjes zijn op de carnavalsdagen open en hebben het gerecht in huis. Wie biertjes drinkt moet immers zorgen voor voldoende (en vette) bodem in de maag, zodat het carnaval ook een feest blijft. Vooral Maastricht staat bekend om het straatcarnaval, maar er zijn meer plaatsen waar het met carnaval nog steeds gezellig is op straat.

 

Nonnevotten eten met carnaval

Nonnevotten zijn het ultieme, Limburgse carnavalsgebak. De smaak van het gebak lijkt wat op die van de Berliner bollen, maar het deeg is in de vorm van een strik of knoop in het frituurvet gebakken en daarna door de suiker gerold. Nonnevotten zijn heerlijk en in de rest van het land bijna niet bekend en niet te krijgen. Op internet staan echter verschillende recepten, waarmee u zelf voordelig nonnevotten kunt bakken.

 

Zate hermeniekes

Een “zaat hermenieke” is eveneens een Limburgse uitvinding. Het is een straatorkestje dat samengesteld is uit allerlei mensen die een muziekinstrument bespelen. De spelers hoeven daarvoor echter geen muziekopleiding gehad te hebben. Wie kan spelen, mag ook meedoen. Het klinkt soms niet helemaal zuiver, maar brengt wel stemming in de optochten en op straat. Er worden allerlei liedjes gespeeld. Van echter carnavalsliederen tot overbekende stukken uit operettes en kinderliedjes. Hoofdzaak is dat de mensen de liedjes allemaal kennen en mee kunnen zingen. Vaak is er op de maandag of dinsdag een hermeniekeconcours, waarbij elke “hermenie” (harmonie) op straat mag laten horen wat ze kan. Zeer gezellig en leuk om eens mee te maken. Overigens spelen ze echt niet allemaal vals. Limburg heeft een zeer goede muziekhistorie en veel bewoners met een goed muzikaal gevoel.

 

Speciale evenementen

Elk dorp en elke stad heeft zijn eigen speciale feestonderdelen waar niet alleen Limburgers, maar ook veel toeristen op afkomen. Zo luidt het verbranden van het “Mooswief” op dinsdagavond in Maastricht het einde van het Carnaval en het begin van de vastentijd in. In Kerkrade is al jaren het “klonetrekke” op carnavalsdinsdag bekend. Het wemelt er dan van de clowns, grote en kleine en in allerlei pakken. Leuk om te zien en heel gezellig.

 

Aswoensdag

Het "klonetrekke" is in Kerkrade het hoogtepunt van carnaval.
Het “klonetrekke” in Kerkrade trekt altijd veel bezoekers.

Op Aswoensdag is voor veel carnavalisten nog niet alles voorbij. Dan is het ’s avonds immers “heringbiete”. Er wordt haring opgediend, die dan natuurlijk met bier weggespoeld moet worden. Op Aswoensdag is het immers al vasten en dat betekent voor de katholieken vis in plaats van vlees eten. Vooral op Aswoensdag, want dat is een ultieme vastendag.

 

Wie in Holland woont en het carnaval eens van dichtbij wil meemaken, moet ervoor openstaan en van harte meedoen. Laat de reserves een paar dagen achterwege en vier gewoon feest met de Limburgers. Iedereen die echt meedoet en niet de beest gaat uithangen zal van harte opgenomen worden. Het zal u goed doen.

Home

Last updated by at .