Beter opvoeden geldt niet alleen voor de ouders

Beter opvoeden door ouders en leerkrachten

Beter opvoeden is niet gemakkelijk. De opvoeding van onze jeugd staat weer eens in de belangstelling. Het zou tijd worden. Eindelijk durft iemand het hardop te zeggen. Minister Plasterk riep ooit ouders op “hun kinderen een betere opvoeding te geven”. Lovenswaardig, maar de overheid mag de hand best in eigen zak steken. Zij is er voor een gedeelte zelf de oorzaak van dat ouders minder tijd hebben voor het opvoeden van hun kinderen.

Alle kosten zijn gestegen

De laatste tientallen jaren zijn niet alleen de belastingen sterk gestegen. Ook de zorgkosten, de kosten van de energie, verzekeringen, huizen en hypotheken gingen omhoog en ga zo maar door. Het is moeilijk geworden om met een inkomen een huishouden te bekostigen. Vaak zijn er twee inkomens nodig om de zaak rond te krijgen. Beter opvoeden is dan ook niet alleen een taak van de ouders, maar ook de overheid moet haar verantwoordelijkheid daarin nemen.

Twee inkomens zijn vaak noodzakelijk

Ouders kunnen er meestal niet onderuit om anderhalf of twee inkomens binnen te halen om alle lasten van hun huishouden te kunnen betalen. Hun kinderen moeten vaak naar de (ook alweer dure) kinderopvang of naschoolse opvang. Daar hebben de ouders zelf geen of weinig invloed op de opvoedingsregels die er gehanteerd worden. Als de kinderen thuis komen, zijn de ouders vaak moe van het werk. Zij moeten dan nog eten koken of hebben andere huishoudelijke taken te doen. Daardoor kunnen zij zich dan ook niet altijd intensief met het opvoeden van hun kroost bezighouden. Het nadeel is dat ouders op die manier weinig tijd krijgen om hun kinderen de opvoeding te geven die zij in een maatschappij zonder deze hoge druk zouden kunnen en willen geven.

Ook leerkrachten moeten beter opvoeden

De scholen hebben jarenlang gezongen dat zij geen opvoedende taak, maar een onderwijzende taak hebben. Dat klopt niet en daar zijn ze intussen ook wel achter. Onderwijzen betekent ook opvoeden en dus beter opvoeden dan tot nu toe op scholen gebeurde. Onderwijzen kan immers pas als de jeugd ook luistert en luisteren doet ze slechts naar diegenen die gezag hebben. Het gezag van de leraar is echter stelselmatig afgebroken. Evenals de politie agent moest de leraar een vriend van de kinderen zijn en op gelijke hoogte met hen kunnen praten. Dat werkt echter totaal niet.

Overwicht hebben bij het opvoeden

Zonder enig overwicht neemt een kind weinig van ouders of leraren aan. Heeft het kind echter respect voor zijn opvoeders en heeft het in de gaten dat deze in staat zijn om hem belangrijke zaken bij te brengen of hem wegwijs te maken in de maatschappij, dan ligt de zaak anders. Daarvoor is echter een bepaalde afstand in de verhouding noodzakelijk. Zodra een puber het idee heeft dat hij zijn ouders en/of leraren op dezelfde manier kan behandelen (of uitschelden) als zijn leeftijdgenoten, neemt hij ook niets meer van hen aan en is alle moeite die deze personen aan hem besteden verloren tijd. Niet alleen liefde, maar ook respect spelen dus een hele grote rol bij het beter opvoeden van onze kinderen.

 

Geen “u “, maar “jij” en “jou”

De leraar mocht met “jij” en “jou” aangesproken worden, wat de afstand zou verkleinen. Dat klopt inderdaad, maar die afstand is nu juist nodig om te kunnen onderwijzen. Scholen hebben daarnaast de jeugd voor een groot gedeelte van de dag onder hun vleugels. In die tijd behoren zij ook de opvoeding te regelen, liefst in samenspraak en op hetzelfde niveau als de ouders. Leraren hebben immers niet voor niets pedagogie en psychologie in hun opleiding zitten. Een leraar die bijvoorbeeld merkt dat er kinderen in een groep gepest worden, moet daar meteen en daadkrachtig tegen optreden. Hij/zij moet de ouders van pester en van het gepeste kind waarschuwen en met hen een gesprek aangaan.

 

Bedrijven hebben ook een taak binnen de opvoeding

Bedrijven maken steeds meer reclame waarin ze hun klanten met “jij” aanspreken. Zij denken dat dit de afstand tussen het bedrijf en de klant verkort, maar in feite is het een respectloze aanspraak van hun klanten. De jongeren zijn daar vaak al aan gewend, maar de ouderen ergeren zich vaak aan deze manier van aanspreken. Kijk er de omgangsvormen maar eens op na. Het “heurt” niet zo. Beter opvoeden zou ook moeten betekenen dat alle volwassenen in onze maatschappij de omgangsvormen en het respect zouden moeten uitdragen naar anderen en vooral naar de jeugd toe.

 

Ook de politie heeft een taak bij het beter opvoeden

Evenals het lerarenkorps heeft ook de politie bij de jeugd gezag verloren en dient dat terug te winnen. Ook de politie heeft een taak als opvoeder. De administratieve regels bij de politie zouden een stuk minder moeten, waardoor er vaker politie op straat zou zijn en er meer en directer lik op stuk gegeven zou kunnen worden. Als er bijvoorbeeld in winkelcentra niet gefietst mag worden, moet dat ook gecontroleerd en niet getolereerd worden. Opvoeden is ook een taak van politie en andere gezagsdragers binnen de maatschappij.

 

De overheid eveneens

Ook de overheid heeft boter op het hoofd. Ze kan de burger niet steeds meer laten betalen voor haar eigen wanbeleid. Als de burger ziet dat zijn belastinggeld naar projecten gaat die onnodig duur in de markt gezet worden, of die helemaal onzinnig zijn, verliest hij of zij het respect voor de overheid en zal als hij kan, de belasting ontduiken. Zeker als hij niet veel te besteden heeft en zelf steeds meer moet woekeren om rond te komen.

 

Respect moet verdiend worden

Niemand krijgt zomaar respect. Respect krijgt een ouder van een kind als het merkt dat die ouder er altijd voor hem is en ook alleen beslissingen neemt die in zijn belang zijn. Als dat respect er niet is kan de ouder het kind ook niet opvoeden. Een leraar krijgt pas respect als zijn pupillen weten dat hij interesse in hun persoonlijkheid heeft en hen met de beste bedoelingen naar hun diploma toe werkt. Respect krijgt de politie als ze daadkrachtig kan en mag optreden en niet bang is om ook opvoedend op te treden. Respect krijgt de overheid van haar burgers als die zien dat de overheid hen serieus neemt en de gezagdragers in alle openheid zelf ook de regels voor gezag en orde in acht nemen.

Burgers zijn niet dom

De laatste verkiezingen waren een voorbeeld van gekonkel, toneelspel en manipulatie door de media en geenszins een uitslag waar de burgers mee tevreden waren. De burgers van nu zijn niet dom. In den Haag zitten beslist niet meer hersens dan onder de burgerij. Het is dan ook een groot vraagteken, waarom de diverse leiders van de partijen zich gedragen als kleuters, die niet met elkaar kunnen en willen samenwerken.

 

Lobbyen

Als de overheid het gezag wil herstellen, zou ze eens moeten beginnen met het uitbannen van het zogenaamde lobbyen. Belanghebbenden praten in den Haag met Kamerleden, staatssecretarissen en ministers om het belang van hun gemeente of bedrijf naar voren te brengen. Wel wordt er gesproken over de “bouwfraude”, maar is een directeur die met een Kamerlid of minister praat over het aanpassen van een wet niet net zo verkeerd bezig? En is de minister die daar gehoor aan geeft en het belang van dat bedrijf  in de Kamer naar voren brengt als zijnde het belang van het land niet eveneens fout? Waarom wordt daar nooit iets van gezegd? Iedereen kent immers wel het spreekwoord van de balk in het eigen oog!

Goed voorbeeld geven

Wie beter wil opvoeden moet beginnen met zelf het goede voorbeeld te geven waar het omgangsvormen en sociaal gedrag betreft. Het werkt pas als de jongeren de voorbeelden om zich heen zien. Niet alleen bij ouders, maar ook bij alle gezagsdragers van de maatschappij.

Er moet inderdaad iets veranderen, maar op elk niveau en niet alleen in de opvoeding. Beter opvoeden is inderdaad een taak van ouders, maar het kan alleen als iedereen in onze maatschappij mee doet.

Home

Pesten is gevaarlijk

Pesten is gevaarlijk en kan tot een wanhoopsdaad leiden

Pesten is gevaarlijk, van alle tijden en bijna van alle leeftijden. Zelfs volwassenen worden gepest. Dan noemt men het weliswaar “mobbing” maar het is in feite precies hetzelfde en dat heeft al veel mensen tot wanhoop gedreven. Zelfs zo erg, dat ze hun werk niet meer konden doen en hun baan verloren. Iemand die als kind op school al gepest werd, heeft daar trouwens ook meestal levenslang last van. Het vertrouwen in andere mensen is immers vaak een leven lang geschaad. Men vertrouwt een ander pas als bewezen is dat hij of zij geen kwaad in de zin heeft. Ook het zelfvertrouwen en het zelfrespect krijgen een enorme deuk van het gepest worden.

 

Gevolgen van pesten voor de maatschappij

De gevolgen die dat heeft in het zakelijke en beroepsleven zijn nog nooit uitgezocht, maar dat zou wel eens in de miljoenen kunnen lopen. Denk maar eens na: een zakenman of zakenvrouw met weinig zelfvertrouwen zal minder snel met een ander in zee gaan. Hij/zij heeft minder durf om aan een eigen bedrijf te beginnen. Deze mensen komen ook minder zeker van zichzelf op anderen over, waardoor het vertrouwen in hen logischerwijze ook minder is om met hen in zee te gaan.

 

Kinderen van de basisschool worden al gepest

Vaak begint het pesten al op de basisschool. Kinderen worden door de pesters soms zelfs gedreigd met extra klappen of erger, om dat niet aan hun ouders te vertellen. Pesters weten zelf dus maar al te goed dat het niet goed is wat ze doen. Leerkrachten zien vaak wel dat er tussen een aantal kinderen in hun klas iets niet klopt. Ze verzuimen dan echter nogal eens om in te grijpen als ze tijdens speeluren zien dat er kinderen onder druk gezet worden. Vaak reageren de surveillanten alleen als de kinderen elkaar fysiek aanpakken. De geestelijke schade door pesten kan echter veel groter zijn dan een pak slaag van een ander kind.

 

Gepeste pubers hebben geen leven

In de puberteit is pesten helemaal een ellende. Een puber is toch al geestelijk niet helemaal in evenwicht door de hormonen en de onregelmatige groei van zijn of haar lichaam. Die onzekerheid kan tot een enorm groot minderwaardigheidsgevoel leiden als de puber op school gepest wordt. Tegenwoordig blijft dat pesten tevens niet meer beperkt tot de schooltijden, maar wordt ook buiten de schooltijden via cyber pesten uitgebreid. Via mobiele telefoon en internet kan men iemand zelfs dag en nacht pesten. Lelijke filmpjes en lelijke berichtjes, roddel en achterklap worden supersnel verbreid. De pester kan daarbij zelfs anoniem blijven, wat de mogelijkheid tot verweer al helemaal beperkt.

 

Pesten is, buiten de kleuterleeftijd, van alle leeftijden

Bij volwassenen die op hun werk door collega’s gepest worden, heet het “mobbing”, maar in feite gaat het om hetzelfde onderwerp. Ook de hogere scholen en beroepsopleidingen hebben er blijkbaar last van. Ook daar komen steeds meer bewijzen van naar voren. Volwassen mensen zijn weliswaar iets evenwichtiger, maar op de lange duur kan ook een volwassene er echt ziek van worden, een burn-out krijgen of erger.

 

Kinderen die zelf pesten hebben vaak weinig idee van wat ze aanrichten

De pesters zelf zijn vaak mensen met weinig empathie. Zij kunnen zich moeilijk verplaatsen in andermans aard en andermans gevoelens en denken meestal dat de ander het maar met humor moet oplossen. Zij halen hun eigenwaarde uit het vernederen van anderen. Vaak zijn het dan ook jongeren die moeite hebben met studeren en zelf een minderwaardigheidsgevoel hebben opgebouwd, dat ze met alle macht proberen op te waarderen door over anderen te heersen.

Een “kick”  krijgen van het pesten

Zodra ze zien dat de ander eronder lijdt, geeft hen dat een “kick”, wat alleen maar leidt tot nog meer pesterijen. Alleen dat al geeft een aanzet om het pesten aan te pakken. Het is de taak van ouders en leraren om de jongere te leren dat hij/zij zijn meerwaarde uit de eigen talenten kan halen. Iedereen heeft immers wel iets waar hij goed in is en juist dat levert meer zelfvertrouwen en zelfrespect op dan het vernederen van anderen. Daarnaast hoort in de opvoeding al op jonge leeftijd aan het kind geleerd te worden om respect voor anderen te hebben en medelijden met mensen (kinderen) die pijn hebben en minder goed in elkaar zitten. Ook ruzies tussen kinderen onderling zouden niet door hen zelf uitgevochten moeten worden. Tussenkomst van ouders en leraren is altijd noodzakelijk, zeker als de partijen handtastelijk worden.

 

Leraren en onderwijzers moeten letten op het pesten in hun klas

Leraren hebben een groot gedeelte van de dag de jeugd onder hun vleugels. Dat betekent dat zij de jeugd niet alleen les moeten geven, maar in die tijd ook verantwoordelijk zijn voor de opvoeding. De ouders zijn immers niet in de buurt om zaken die verkeerd gaan aan te pakken. Leraren zouden daarom vooral de sociale structuren binnen hun groepen moeten kennen. Dat lukt natuurlijk niet aan het begin van een schooljaar, maar binnen een maand zijn de meeste groepjes wel gevormd en kan men bepaalde structuren herkennen.

 

Les in sociale vorming gaat het pesten tegen

Er zou op basisscholen, voortgezet onderwijs en onderwijs voor beroepsvorming ruimte moeten zijn voor lessen in sociale vorming. Rollenspel zou daar een grote rol in kunnen spelen. Kinderen kunnen dan niet alleen leren hoe het voelt om onder aan de sociale ladder te staan, maar leren dan ook gevoel op te brengen voor een ander die het niet zo gemakkelijk heeft als zij zelf. Daarnaast kunnen kinderen met weinig zelfvertrouwen gesterkt worden en leren hoe zij zich kunnen verdedigen tegen pesters. Vaak wordt er door leraren wel gelet op drukke kinderen die overduidelijk in de klas aanwezig zijn, maar vooral op de stille kinderen zou wel eens gelet mogen worden. Zij vallen meestal in de klas niet op, maar worden wel degelijk beïnvloed door hun klasgenootjes.

 

Geen eigen klas

Op de vervolgscholen heeft elke leraar zijn eigen vak en niet meer zijn of haar eigen klas. Dat maakt het natuurlijk wat moeilijker om structuren te ontdekken dan op de basisschool, maar het is niet onmogelijk. Ook de sociale structuren kunnen tijdens vergaderingen besproken worden. Wat de een niet gezien heeft, zag de ander wel en als iedereen de ogen open houdt, is het gevaar van grote problemen minder. Uit te bannen is het echter nooit. Dat is een utopie.

 

Een vertrouwensman

Leerlingen moeten bovendien weten naar wie zij met hun problemen naar toe kunnen gaan. Dat moet dan wel iemand zijn die het vertrouwen van de kinderen geniet, een charismatische uitstraling heeft en die het vertrouwen van de kinderen ook niet beschaamt. Op de hele school moet een open structuur zijn, waarin kinderen zich thuis voelen, maar waar ook een raamwerk van vaste regels is, ook op het sociale vlak, waar iedereen zich aan moet houden. Een duidelijk reglement is daarvoor nodig, maar ook de controle daarop.

 

Contact tussen ouders en school

Het contact tussen ouders en school is tegenwoordig meestal niet al te goed. Er is vaak een ouderavond en er zijn de “tien minuten gesprekken”, maar dat is eigenlijk niet genoeg om echte problemen aan te pakken. Vraag ouders naar de manier waarop hun kind over de school praat. Gaat het er graag naar toe, is het stil en teruggetrokken geworden sinds het schooljaar begon, trekt het zich vaak terug op zijn of haar kamer, enzovoort.

 

Pesten is van alle tijden, maar er is beslist wel wat tegen te doen

De maatschappij is van ons allemaal en iedereen is binnen die maatschappij nodig. De maatschappij moet er dan ook voor zorgen dat de jeugd opgevoed wordt in een sociaal klimaat, waarin de sterkeren zorgen voor de zwakkeren en waarin men voor elkaar opkomt.

Opvoeden is niet gemakkelijk, maar iedere ouder wil het beste voor zijn/haar kind. Probeer alert te zijn op eventueel pesten of gepest worden op school, club, stageplaats of werk. Het komt in alle gelederen van onze maatschappij voor.

Aanspreekvormen

Aanspreekvormen zijn heel belangrijk in de maatschappij

Spreek ik iemand met jij en jou of met u aan?

Aanspreekvormen zijn heel belangrijk, hoewel veel mensen zich daar niet van bewust zijn. Tja, hoe hoort het eigenlijk en hoe spreek ik iemand aan? Veel mensen vinden dat “u” ouderwets is en niet meer gebruikt hoeft te worden. Zij spreken dan ook iedereen met jij en jou aan. Veel zaken spreken hun klanten ook zo in hun reclames aan. Niet iedereen vindt dat echter prettig. Veel ouderen zijn er niet van gediend en ook zakenmensen houden van wat afstand.

Vooral bij sollicitaties oppassen

Een jonge sollicitant die de personeelschef direct tutoyeert en hem dus met “jij” aanspreekt, zal al meteen een minder goede indruk maken. Zeker als de baan waarnaar gesolliciteerd wordt ook het contact met klanten inhoudt. Veel klanten houden nog steeds van een correcte aanspreking met eventuele titels en daarvoor hoort men dan wel de omgangsvormen te kennen. De aanspreking met “u” biedt afstand. Het zakelijke contact wordt op die manier niet al te persoonlijk.

Andere aanspreekvormen

Daarnaast wordt in het buitenland ook een andere aanspreekvorm gebruikt voor ouderen en vreemden en zeker voor personen die wat hoger in de ranglijst staan en/of diverse titels hebben. Ook ouders worden in Duitsland, België en Frankrijk nog steeds met het respectvolle “Sie”, “Gij” en “Vous” aangesproken. Als iemand zakelijk veel contact met het buitenland heeft is het wel zo handig om die dingen te weten en te gebruiken. Doet men dat niet dan kan daar wel eens een toekomstige goede relatie door geblokkeerd worden.

Een vorm van respect

Hoe hoort het nu eigenlijk? De etiquette heeft daar een paar eenvoudige regels voor:
– Ouderen en vreemden spreekt men met “u” aan tot deze zelf aangeven dat men hen mag tutoyeren.
– Kinderen tot de puberteit en degenen die er toestemming voor gegeven hebben, mag men tutoyeren.

Leraren tutoyeren

Op sommige scholen is het al gebruikelijk dat de leraren getutoyeerd worden. Men vindt dan dat de leraar op die manier dichter bij zijn pupillen staat en op die manier een beter contact met hen heeft. Mogelijk, maar het is nu eenmaal een feit dat een kind gemakkelijker agressief wordt tegen iemand die hij als zijn gelijke beschouwt en aanspreekt, dan tegen iemand die hij of zij met “mijnheer/mevrouw” en “u” moet aanspreken.

Niemand krijgt vanzelf respect

Natuurlijk: respect moet ook verdiend worden en dus moet (in dit geval de leraar) ook zijn best doen om zijn pupillen in het leven vooruit te helpen. Dat betekent dus niet alleen zijn best doen om zijn pupillen vanuit zijn vakgebied wat bij te brengen, maar hen vooral ook zijn eigen regels na te leven. Het levert immers niets op als hij zijn pupillen straft voor te laat ingeleverd huiswerk, als hij zelf hun proefwerken niet bijtijds nakijkt.

Bepaalde regels zijn nodig

Iedereen heeft natuurlijk zijn eigen ideeën over het omgaan met anderen. Het is echter nu eenmaal een feit dat men met goede omgangsvormen en een goede sociale moraal verder komt in het leven. Wie anderen met respect behandelt zal meestal zelf ook met meer respect behandeld worden.

In de opvoeding de regels van de omgangsvormen aanleren

Vooral bij de opvoeding en begeleiding van jonge kinderen is het verstandig om eens na te denken over de waarden en omgangsvormen die men hen wil meegeven.

Wat is het verschil tussen omgangsvormen en etiquette?

Wat is het verschil tussen omgangsvormen en etiquette?

Omgangsvormen en etiquette zijn niet hetzelfde. Om het maar eenvoudig uit te drukken: de etiquette geeft de vastliggende regels aan voor het omgaan met elkaar. De omgangsvormen zijn die regels, uitgebreid met sociaal gevoel. Iemand kan dus alle etiquette regels goed kennen en uitvoeren, maar ondanks dat overkomen als een botte boer. Een uitgestoken hand betekent immers niet veel goeds als de betreffende er een gezicht als een oorwurm bij trekt. Dat laat de ander voelen: ”ik moet u een hand geven, maar eigenlijk heb ik daar helemaal geen zin in.” De ander voelt zich op die manier meteen al afgewezen.

Etiquette: bedanken voor een cadeautje

Iedereen weet bijvoorbeeld wel dat men moet bedanken voor een cadeautje. Ook dat men iemand bij het kennismaken een hand geeft en zijn naam zegt. Men neemt tevens een presentje of bloemetje voor de gastvrouw mee als men ergens uitgenodigd is om te eten. Deze dingen wordt de meesten van ons al als kind aangeleerd. Heeft men echter goede omgangsvormen, dan drukt men daar ook gevoel bij uit. U laat merken dat u blij bent met het cadeautje, glimlacht vriendelijk bij het begroeten van een ander en maakt van de bloemen een mooi verrassingspakketje. Omgangsvormen zijn echter meer dan uitgebreide etiquette regels. Het betekent ook het meevoelen met anderen (empathie) en rekening met hem of haar houden. Zich kunnen inleven in een ander en hem dan behandelen zoals we zelf, in die situatie ook behandeld zouden willen worden.

Respect voor anderen tonen is een omgangsvorm

Dat betekent dus ook dat we respect moeten tonen voor de andere mens. Respect is echter een raar begrip. De een verstaat eronder dat hij respect van de ander behoort te krijgen. De ander denkt dat hij respect hoort te geven. Beiden zijn waar, maar horen ook bij elkaar. Respect kan men verdienen door respect te tonen. Een leraar die zijn studenten als oud vuil behandelt en een schrikbewind voert zal wel frustraties bij zijn pupillen kweken, maar geen respect. De leraar die zich op verschillende manieren de moeite geeft om zijn pupillen vooruit te helpen zal veel sneller respect en zelfs vaak ook genegenheid ontmoeten.

Agressiviteit en machogedrag

Deze twee houdingen leveren immers nooit respect op, alleen angst, woede en verweer. Goede omgangsvormen zijn daarom een noodzakelijk onderdeel van de opvoeding. Met goede omgangsvormen komt het kind verder in de maatschappij. Het maakt daarbij niet uit of iemand hoog of laag op de maatschappelijke ladder staat.

Goede omgangsvormen maken ook verschil in het zakelijk ondernemen

Ik ken aannemers met prima omgangsvormen die het respect van hun klanten verdiend hebben en ondanks de malaise omkomen in het werk. Ik ken echter ook aannemers die vanwege hun respectloze manier van omgang met hun klanten nu failliet zijn. Dat was het gevolg van het sturen van gepeperde meerwerk rekeningen voor werkzaamheden die uit winstbejag niet op de offerte gezet werden. Ook kan een bouwvakker bijvoorbeeld vaak meer fatsoen in zijn pink hebben dan een bedrijfsmanager. Het is echter een feit dat men met goede omgangsvormen meestal verder in het leven en de maatschappij komt dan met onfatsoen en geweld.

Solliciteren met goede omgangsvormen maakt meer indruk

Een sollicitant die netjes gekleed op de deur klopt van de personeelsmanager, zich voorstelt en recht op de aangewezen stoel gaat zitten zal goodwill ontmoeten. Iemand die zonder kloppen meteen binnenvalt, “hoi” zegt en in de eerst de beste stoel hangt met een uitstraling van: “tja, ik moet hier nu eenmaal zijn, maar ik ben wel erg moe en heb er weinig zin in” zal weer snel buiten staan.

Goede sociale opvoeding

Goede omgangsvormen zijn vaak het product van een goede, sociale opvoeding. De meeste ouders behandelen hun kind als een uniek en sociaal individu. Zij sturen het op de goede weg en helpen het  in zijn ontwikkeling vooruit. Daarbij gaan ze vaak voorbij aan de eigen behoeften.  Zij zullen bijna automatisch het respect van dat kind ontvangen. Op zijn beurt zal dat kind later ook die aangeleerde sociale houding weer uitdragen en doorgeven aan de eigen kinderen. Op die manier levert het een waardevolle bijdrage aan onze maatschappij.

Lees ook de blog “een betere samenleving” en bekijk tevens het stuk over “opvoeden“.

 

Last updated by at .