Kinderen zelf lesgeven

Kinderen zelf lesgeven is gemakkelijker dan u denkt

Kinderen zelf lesgeven is gemakkelijker en leuker dan u vermoedelijk denkt. U vindt hier per leeftijd datgene waar kinderen behoefte en les in nodig hebben om enigszins bij te blijven. Natuurlijk zijn daar allereerst de lespakketten en de videolessen die scholen paraat hebben, maar mocht u daar niet meteen aan kunnen komen, dan kunt u met deze informatie al een heel eind komen.

Kinderen zijn heel nieuwsgierig en weetgierig

Ze moeten echter veel leren en vooral in tijden van een pandemie, zoals tijdens het coronavirus en tijdens een ziekte van het kind zelf. Het is dan heel belangrijk dat de lessen doorgaan. Vooral lezen en rekenen zijn heel belangrijk. Wie kan lezen kan immers alle informatie van zijn/haar interesse opzoeken en in zich opnemen. Wie kan rekenen kan leren met hoeveelheden om te gaan, te meten, maar ook bijvoorbeeld om met geld en spaargeld om te gaan.

Blijf positief bij het lesgeven

Om te beginnen is herhaling heel belangrijk voor het aanleren van bepaalde vaardigheden. Wees dus niet bezorgd als uw kind de volgende dag alles alweer vergeten lijkt te zijn. Oefening baart kunst en dat is ook bij het lesgeven een belangrijk onderdeel. Uw les is dus geen verspilde tijd, maar de herhaling is een belangrijk onderdeel daarvan. Dat kan elke leerkracht u vertellen.

Lesgeven in taal voor kinderen van 4 tot 6

Taal is het allerbelangrijkste in het onderwijs. Zonder kennis van de taal kunt u uw kind niets leren. Een grote woordenschat is daarom een van de belangrijkste onderwerpen, waar les in gegeven moet worden. Voor alle kinderen onder de zes jaar is het liedjes zingen, versjes opzeggen, vertellen en voorlezen door ouders en onderwijzend personeel heel belangrijk. Boeken met afbeeldingen zijn eveneens onmisbaar. Daarmee kunnen kinderen dieren en voorwerpen leren benoemen en zelf leren vertellen en omgaan met de taal. Voor kinderen van 4 tot 6 jaar is dit even belangrijk als voor de kleintjes van 0 tot 4.

Lesgeven in rekenen voor kinderen van 4 tot 6

Kinderen leren het snelst als ze zien wat ze moeten begrijpen, dus laat hen vooral letterlijk zien wat u hen wilt aanleren. Is er geen lespakket van school, begin dan met het tot tien leren tellen en het oefenen met kleine hoeveelheden, om zo het begrip voor getallen aan te kweken. Maak van de lessen zo mogelijk een spel. Een rekensom van 2 + 2 is bijvoorbeeld leuker als u daar 2 ijsjes + 2 ijsjes van maakt en dat laat optellen. Laat het kind tellen met speelgoedonderdelen als kaarten, blokken, knikkers, autootjes, enzovoort. Geef ook bij elk aantal het cijfer aan, dus laat het cijfer 4 zien als het kind een groepje van vier blokjes heeft neergelegd. Op die manier combineert het kind het aantal met het cijfer.

Alle soorten sommen echt laten zien

Optellen, vermenigvuldigen en delen kan eveneens met kleurpotloden, blokken, balletjes klei, partjes appel, enzovoort. Het kind ziet het dan voor zich en kan het gemakkelijker begrijpen. Dat geldt niet alleen voor de kleintjes, maar ook bijvoorbeeld voor grotere kinderen die moeite hebben met de tafeltjes. Het tafeltje van drie is gemakkelijker te snappen als u daar een rijtje van laat leggen met tien keer drie blokjes (of iets anders) onder elkaar. Het kind kan het tafeltje van drie dan gemakkelijker opzeggen en tellen. Als het kind het begrijpt en ziet, kan het dat naderhand ook zonder de hulp van de zichtbare dingen.

Kinderen lesgeven in het oefenen van de fijne motoriek en het schrijven

Het tekenen en het binnen de lijnen kleuren is voor kinderen van vier en vijf jaar heel belangrijk. Het is een voorbereiding op het schrijven. Via het tekenen en binnen de lijntjes kleuren wordt de fijne motoriek van de handen geoefend. Die is belangrijk voor het later leesbaar leren schrijven. Voor kinderen vanaf 5 en 6 jaar zijn er al schriftjes om letters na te leren schrijven. Veel kinderen van die leeftijd vinden dat gewoon leuk om te doen. Kinderen van vijf jaar vinden het al leuk om hun eigen naam te leren schrijven en leren daar onbewust al wat letters mee. Het opzeggen van het alfabet zien ze vaak als een kunstje en zijn er trots op als ze dat kennen.

Lesgeven aan jonge kinderen en materialen daarvoor

De slimste kinderen van 5 spelen op die tijd al met een letterdoos en kunnen al woordjes leggen. Behalve de letterdoos is ook het spel Loco een goede hulp bij het lesgeven. Loco Bambino is voor de kleintjes van 3 tot 5 jaar en Loco Mini voor 5 tot 7 jaar. Losse boekjes daarvoor zijn in de speelgoedzaken te koop en er zijn ook boekjes, waarmee het kind kan leren lezen en rekenen. Overigens zijn er diverse andere materialen te koop om letters te herkennen en woordjes te leren.

Laat kinderen ook bewegen

Dat is niet alleen goed voor het lichaam, maar stimuleert ook de hersenen. Ga met de kinderen naar buiten. Leer hen de namen van de bomen, struiken en bloemen. Laat hen zelf wat planten en zien hoe een zaadje kan ontkiemen. Ga samen wandelen en laat hen bij mooi weer buiten spelen. Voor alle kinderen van 2 tot 6 jaar zijn natuurlijke materialen als zand, water en klei onmisbare artikelen om hun creativiteit en hun kennis te testen en uit te breiden.

Lesgeven aan kinderen vergt geduld

Maak er geen halszaak van. Word niet ongeduldig als een kind niet direct iets begrijpt, maar leg het dan gewoon op een andere manier uit. Merkt u dat de aandacht verslapt, begin dan aan iets anders. Ga dan even samen buiten iets doen, vertel een verhaal, of zing samen een paar liedjes. Net als volwassenen kunnen ook kinderen niet heel lang achter elkaar geconcentreerd bezig zijn met hersenwerk. Het heeft daarom weinig zin om te mopperen als u merkt dat de aandacht verslapt.

Wees positief

Er mag best eens gelachen worden. Een grapje houdt vaak ook de aandacht vast en helpt uzelf en de kinderen om even afstand te nemen. Zoek ook boeken om te lezen. Vooral kinderen die al goed kunnen lezen kunt u helpen om straks betere cijfers te halen voor het begrijpend lezen. Laat uw kind een hoofdstuk uit een boek lezen en laat het dan in zijn/haar eigen woorden aan u vertellen. Het kind oefent daarbij het begrijpend lezen, maar ook de eigen woordenschat, want het is niet gemakkelijk om in eigen woorden iets na te vertellen.

Lesgeven aan kinderen van diverse leeftijden

Let in de eerste plaats altijd op de interesse van het kind en probeer die uit te breiden.
Van 5 tot 8 jaar; lezen en rekenen
5 jaar: herkennen letters en cijfers, het alfabet leren, de eigen naam schrijven, enzovoort. Haal ook een atlas of een wereldbol in huis. Wijs de plaatsen aan, waar u samen op vakantie geweest bent. Laat hen zien waar de landen liggen, waar ze iets over horen op het nieuws of in boeken. Boeken zijn heel belangrijk. Kinderen van 5 en 6 jaar kunnen vaak al drieletterige woordjes lezen als ze al een aantal letters kennen. Daar zijn boeken voor te vinden in de bib en op internet.
7 jaar: samen lezen, optel- en aftreksommetjes maken, leer de waarde van het geld en leer hen tellen met geld.

8 jaar: begrijpend lezen, rekenen, tafeltjes (met materiaal)

9 jaar: begrijpend lezen met moeilijkere woorden. Zoek kinderboeken en strips voor de jeugd.

10 jaar: staartdelingen, vermenigvuldigen, delen, aardrijkskunde van de landen om ons heen en ons eigen land. Begrijpend lezen wordt hier steeds belangrijker, maar geef ook les in de natuur met namen van bomen, bloemen, gewassen, groenten.

11 en 12 jaar: aardrijkskunde, vaderlandse geschiedenis, het belang van gezond water, gezond eten en goed bewegen. Leer het kind hoe te zoeken naar onderwerpen op internet. Op de vervolgschool heeft het die vaardigheid nodig.

Zelf lesgeven aan kinderen in het algemeen

Overal zijn boeken voor. Wees dus niet bang om met lesgeven te beginnen. U kunt zelf alles uit internet en uit boeken halen. Er zijn bovendien ontelbare programma’s om kinderen met leren te helpen. Besteed er een avond aan en u zult er gegarandeerd een aantal vinden. Ook kleurplaten voor kleintjes zijn gemakkelijk op te speuren. Leer het kind bovendien ook wat u zelf allemaal weet.

Oudere kinderen en pubers kunnen het beste het lespakket van hun school gebruiken. Laat hen lessen van de school op video volgen en hun huiswerk maken, maar ook zij moeten per dag ook bewegen. Vaak is dat lespakket van school wel voldoende, maar merkt u dat het kind daar te weinig aan heeft, breid dat dan uit met boeken over algemene kennis. Let daarbij dan vooral op hun interesse. Zeker als ze vlak voor hun pakketkeuze of voor de keuze van een van de soorten hoger onderwijs staan.

Uw kinderen zelf lesgeven is beslist inspannend

Kinderen zijn geïnteresseerd in alles om hen heen en dat maakt het net zo leuk om met hen bezig te zijn. Volwassenen kunnen zo ontdekken dat kinderen op een heel andere manier naar waarden, voorwerpen, de natuur en naar problemen kijken, dan zijzelf. Een kind kan een probleem naar de essentie terugbrengen en zo de volwassene laten zien dat hij zich meer druk maakt dan noodzakelijk is.

Het “lesgeven” is ook een onderdeel van de opvoeding. Daar vallen ook het uitzoeken van cadeautjes die bij de leeftijd passen en waar kinderen ook iets van kunnen leren, enzovoort.

Sprookjes

Boek: Sprookjes uit het Sprookjesbos

Een prachtig sprookjesboek met 20 unieke sprookjes.
Een prachtig sprookjesboek met 20 unieke sprookjes.

Een nieuw en uniek boek van Anneke Cornelissens.
20 Leuke sprookjes uit het sprookjesbos van Anneke Cornelissens. Verhalen over kabouters, elfjes en feeën die allemaal heel aangenaam eindigen en prima geschikt zijn als voorleesverhaal voor het naar bed gaan. Elk verhaal heeft zijn eigen sfeer en aparte wereld. Kinderen genieten van dit soort verhalen, net zoals de volwassenen kunnen genieten van een goed boek of een goede film. Fantasieverhalen zijn daarvoor de ultieme ontspanning, zeker als ze een goede afloop hebben.

 

Een mooi boek vol sprookjes als cadeautje

Sprookjesboeken zijn altijd leuk om als cadeautje te geven met Sinterklaas, Kerstmis of voor een verjaardag. Kinderen zijn er meestal blij mee, zeker als de volwassenen zich de tijd geven om eruit voor te lezen of om de verhalen samen te lezen. Het voorlezen alleen al schept een intieme sfeer en bevestigt de band tussen ouders, grootouders en kind. Een boek is een van de beste cadeaus voor een kind, zeker ook als ze al zelf kunnen lezen. Maar ook het voorlezen is heel belangrijk voor de ontwikkeling van de taal en de uitbreiding van de woordenschat van het kind.

Leuk om deze sprookjes voor te lezen

Dit boek bevat een aantal prachtige, sfeervolle sprookjes en tekeningen. Het boek is leuk om voor te
lezen aan jonge schoolkinderen. Elk sprookje heeft een goede moraal en een goede afloop. Uw kind houdt er een aangenaam gevoel aan over. De tekeningen verduidelijken elk verhaal op een grappige manier. Zo is er een verhaal van een sterrenmeisje, dat in haar baldadigheid van de Melkweg afglijdt en op de aarde in een boom terecht komt. Een ander verhaaltje vertelt de geschiedenis van een wolkje dat niet regenen wilde. Een volgend sprookje verhaalt van een tovenaar wiens toverstok niet altijd deed wat hij wilde. Ook kabouterverhalen staan in het boek. Zoals het verhaal van de kabouterbakker, die te dik was geworden en daarom tot zijn grote verdriet niet meer bakken kon.

Voorlezen voor het naar bed gaan

Deze sprookjes kunnen daarom ook prima dienen om voor te lezen bij het slapen gaan. Dit boek leent zich daar
uitstekend voor. Het formaat, 20 bij 20 centimeter, is bovendien heel geschikt voor kinderhanden. Ook volwassenen blijken van de sprookjes te genieten. Er zijn al volwassenen genoeg die zelf het boekje uitlezen, omdat ze het gewoon zo leuk vinden.

Ook voor kinderen die zelf al kunnen lezen…..

Kinderen die zelf al kunnen lezen zullen graag in dit boek duiken. Het heeft een handig, vierkant formaat dat voor kinderhanden gemakkelijk is vast te houden. Lezen is heel belangrijk voor een kind. Alle latere informatie krijgt het voor het grootste gedeelte via de geschreven taal binnen. Niet alleen via boeken, maar ook op internet moet immers gelezen worden om kennis op te doen. Het boek is nog lang geen verleden tijd, want vooral via de tekst die men in handen heeft, leert men snel lezen en vooral ook begrijpend lezen.

Zelf gepubliceerd

Nadat ik al 20 boeken via uitgeverijen op de markt gebracht heb, is dit het eerste boek dat ik via een uitgeverij “on demand” heb uitgebracht. Het was veel werk, want ik moest er ook alles zelf aan doen, maar het is gelukt. Voor wie dat ook wil doen: het is wel duur. Als ik ook de tekeningen binnenin gekleurd had willen laten drukken, zou ik er nog geld op moeten bijleggen. Dat ging dus niet. Vandaar dat de tekeningen allemaal naturel zijn. Het boek ‘Sprookjes uit het Sprookjesbos’ (153 pagina’s, ISBN: 9789402180657) is gepubliceerd via het selfpublishingplatform Brave New Books.

Alles in eigen hand

Niet alleen de sprookjes, maar ook de tekeningen en de afbeelding op de omslag zijn zelf gemaakt. De omslag van de harde kaft is een afbeelding van een schilderij voor de kinderkamer van een kleinkind. Houd deze website in de gaten, want over een paar maanden komt er misschien nog meer.

Het boek is te koop en gedeeltelijk in te zien (onder vermelding van de titel) bij https://www.bol.com/nl/b/brave-newbooks/8892641/.
U kunt het echter ook bij mij zelf bestellen voor de prijs van € 24,95 op mijn e-mail adres: ac@cuci.nl

Na betaling is er wel even een levertijd van 14 dagen.

Ook op deze website staan sprookjes.

Meer lezen?

Het Sinterklaasverhaal

Beter opvoeden geldt niet alleen voor de ouders

Beter opvoeden door ouders en leerkrachten

Beter opvoeden is niet gemakkelijk. De opvoeding van onze jeugd staat altijd in de belangstelling. Minister Plasterk riep ooit ouders op “hun kinderen een betere opvoeding te geven”. Lovenswaardig, maar de overheid mag de hand best in eigen zak steken. Zij is er voor een gedeelte zelf de oorzaak van dat ouders en leerkrachten minder tijd hebben voor het opvoeden van kinderen.

Alle kosten zijn gestegen

De laatste tientallen jaren zijn niet alleen de belastingen sterk gestegen. Ook de zorgkosten, de kosten van de energie, verzekeringen, huizen en hypotheken gingen omhoog en ga zo maar door. Het is moeilijk geworden om met een enkel inkomen een huishouden te bekostigen. Vaak zijn er twee inkomens nodig om de zaak rond te krijgen en de kinderen de gelegenheid te geven om hun studie te kunnen volgen. Beter opvoeden is dan ook niet alleen een taak van de ouders, maar ook de overheid moet haar verantwoordelijkheid daarin nemen.

Twee inkomens zijn vaak noodzakelijk

Ouders kunnen er meestal niet onderuit om anderhalf of twee inkomens binnen te halen om alle lasten van hun huishouden te kunnen betalen. Hun kinderen moeten vaak naar de (ook alweer dure) kinderopvang of naschoolse opvang. Daar hebben de ouders zelf geen of weinig invloed op de opvoedingsregels die er gehanteerd worden. Als de kinderen thuis komen, zijn de ouders vaak moe van het werk. Zij moeten dan nog eten koken of hebben andere huishoudelijke taken te doen. Daardoor kunnen zij zich dan ook niet altijd intensief met het opvoeden van hun kroost bezighouden. Het nadeel is dat ouders op die manier weinig tijd krijgen om hun kinderen de opvoeding te geven die zij in een maatschappij zonder deze hoge druk zouden kunnen en willen geven.

Ook leerkrachten moeten beter opvoeden

De scholen hebben jarenlang gezongen dat zij geen opvoedende taak, maar een onderwijzende taak hebben. Dat klopt niet en daar zijn ze intussen ook wel achter. Onderwijzen betekent ook opvoeden en dus beter opvoeden dan tot nu toe op scholen gebeurde. Onderwijzen kan immers pas als de jeugd ook luistert en luisteren doet ze slechts naar diegenen die gezag hebben. Het gezag van de leraar is echter stelselmatig afgebroken. Evenals de politie agent moest de leraar een vriend van de kinderen zijn en op gelijke hoogte met hen kunnen praten. Dat werkt echter totaal niet.

Overwicht hebben bij het opvoeden

Zonder enig overwicht neemt een kind weinig van ouders of leraren aan. Heeft het kind echter respect voor zijn opvoeders en heeft het in de gaten dat deze in staat zijn om hem belangrijke zaken bij te brengen of hem wegwijs te maken in de maatschappij, dan ligt de zaak anders. Daarvoor is echter een bepaalde afstand in de verhouding noodzakelijk. Zodra een puber het idee heeft dat hij zijn ouders en/of leraren op dezelfde manier kan behandelen (of uitschelden) als zijn leeftijdgenoten, neemt hij ook niets meer van hen aan en is alle moeite die deze personen aan hem besteden verloren tijd. Niet alleen liefde, maar ook respect spelen dus een hele grote rol bij het beter opvoeden van onze kinderen.

Geen “u “, maar “jij” en “jou”

De leraar mocht met “jij” en “jou” aangesproken worden, wat de afstand zou verkleinen. Dat klopt inderdaad, maar die afstand is nu juist nodig om te kunnen onderwijzen. Scholen hebben daarnaast de jeugd voor een groot gedeelte van de dag onder hun vleugels. In die tijd behoren zij ook de opvoeding te regelen, liefst in samenspraak en op hetzelfde niveau als de ouders. Leraren hebben immers niet voor niets pedagogie en psychologie in hun opleiding zitten. Een leraar die bijvoorbeeld merkt dat er kinderen in een groep gepest worden, moet daar meteen en daadkrachtig tegen optreden. Hij/zij moet de ouders van pester en van het gepeste kind waarschuwen en met hen een gesprek aangaan.

Ook bedrijven hebben een taak binnen de opvoeding

Bedrijven maken steeds meer reclame waarin ze hun klanten met “jij” aanspreken. Zij denken dat dit de afstand tussen het bedrijf en de klant verkort, maar in feite is het een respectloze aanspraak van hun klanten. De jongeren zijn daar vaak al aan gewend, maar de ouderen ergeren zich vaak aan deze manier van aanspreken. Kijk er de omgangsvormen maar eens op na. Het “heurt” niet zo. Beter opvoeden zou ook moeten betekenen dat alle volwassenen in onze maatschappij de omgangsvormen en het respect zouden moeten uitdragen naar anderen en vooral naar de jeugd toe. Alleen al voor hun latere sollicitatiegesprekken zou dat van voordeel zijn.

Ook de politie heeft een taak bij het beter opvoeden

Evenals het lerarenkorps heeft ook de politie bij de jeugd gezag verloren en zal dat terug moeten winnen. Ook de politie heeft een taak als opvoeder. De administratieve regels bij de politie zouden een stuk minder moeten, waardoor er vaker politie op straat zou zijn en er meer en direct gereageerd zou kunnen worden. Als er bijvoorbeeld in winkelcentra niet gefietst mag worden, moet dat ook gecontroleerd en niet getolereerd worden. Opvoeden is immers ook een taak van politie en andere gezagsdragers binnen de maatschappij.

De overheid eveneens

De overheid heeft boter op het hoofd. Ze kan de burger niet steeds meer laten betalen voor haar eigen wanbeleid. Als de burger ziet dat zijn belastinggeld naar projecten gaat die onnodig duur in de markt gezet worden, of die helemaal onzinnig zijn, verliest hij of zij het respect voor de overheid en zal als hij kan, de belasting ontduiken. Zeker als hij niet veel te besteden heeft en zelf steeds meer moet woekeren om rond te komen.

Respect moet verdiend worden

Niemand krijgt zomaar respect. Respect krijgt een ouder van een kind als het merkt dat die ouder er altijd voor hem is en ook alleen beslissingen neemt die in zijn belang zijn. Als dat respect er niet is kan de ouder het kind ook niet opvoeden. Een leraar krijgt pas respect als zijn pupillen weten dat hij interesse in hun persoonlijkheid heeft en hen met de beste bedoelingen naar hun diploma toe werkt. Respect krijgt de politie als ze daadkrachtig kan en mag optreden en niet bang is om ook opvoedend op te treden. Respect krijgt de overheid van haar burgers als die zien dat de overheid hen serieus neemt en de gezagdragers in alle openheid zelf ook de regels voor gezag en orde in acht nemen.

Burgers zijn niet dom

De laatste verkiezingen waren een voorbeeld van gekonkel, toneelspel en manipulatie door de media en geenszins een uitslag waar de burgers mee tevreden waren. De burgers van nu zijn niet dom. In den Haag zitten beslist niet meer hersens dan onder de burgerij. Het is dan ook een groot vraagteken, waarom de diverse leiders van de partijen zich gedragen als kleuters, die niet met elkaar kunnen en willen samenwerken.

Lobbyen

Als de overheid het gezag wil herstellen, zou ze eens moeten beginnen met het uitbannen van het zogenaamde lobbyen. Belanghebbenden praten in den Haag met Kamerleden, staatssecretarissen en ministers om het belang van hun gemeente of bedrijf naar voren te brengen. Wel wordt er gesproken over de “bouwfraude”, maar is een directeur die met een Kamerlid of minister praat over het aanpassen van een wet niet net zo verkeerd bezig? En is de minister die daar gehoor aan geeft en het belang van dat bedrijf  in de Kamer naar voren brengt als zijnde het belang van het land niet eveneens fout? Waarom wordt daar nooit iets van gezegd? Iedereen kent immers wel het spreekwoord van de balk in het eigen oog!

Goed voorbeeld geven

Wie beter wil opvoeden moet beginnen met zelf het goede voorbeeld te geven waar het omgangsvormen en sociaal gedrag betreft. Het werkt pas als de jongeren de voorbeelden om zich heen zien. Niet alleen bij ouders, maar ook bij alle gezagsdragers van de maatschappij.
Er moet inderdaad iets veranderen, maar op elk niveau en niet alleen in de opvoeding. Beter opvoeden is inderdaad een taak van ouders, maar het kan alleen als iedereen in onze maatschappij mee doet.
Home

Pesten is gevaarlijk

Pesten is gevaarlijk en kan tot een wanhoopsdaad leiden

Pesten is gevaarlijk, van alle tijden en bijna van alle leeftijden. Zelfs volwassenen worden gepest. Dan noemt men het weliswaar “mobbing” maar het is in feite precies hetzelfde. Pesten drijft veel mensen tot wanhoop. Zelfs zo erg, dat ze hun werk niet meer kunnen doen en hun baan verliezen. Iemand die als kind op school al gepest werd, heeft daar trouwens ook meestal levenslang last van. Het vertrouwen in andere mensen is immers vaak een leven lang geschaad. Men vertrouwt een ander pas als bewezen is dat hij of zij geen kwaad in de zin heeft. Ook het zelfvertrouwen en het zelfrespect krijgen een enorme deuk van het gepest worden.

 

Gevolgen van pesten voor de maatschappij

De gevolgen die dat heeft in het zakelijke en beroepsleven zijn nog nooit uitgezocht. Het zou wel eens in de miljoenen kunnen lopen. Denk maar eens na: een zakenman of zakenvrouw met weinig zelfvertrouwen zal minder snel met een ander in zee gaan. Hij/zij heeft minder durf om aan een eigen bedrijf te beginnen. Deze mensen komen ook minder zeker van zichzelf op anderen over, waardoor het vertrouwen in hen logischerwijze ook minder is om met hen in zee te gaan.

 

Kinderen van de basisschool worden al gepest

Vaak begint het pesten al op de basisschool. Kinderen worden door de pesters soms zelfs gedreigd met extra klappen of erger, om dat niet aan hun ouders te vertellen. Pesters weten zelf dus maar al te goed dat het niet goed is wat ze doen. Leerkrachten zien vaak wel dat er tussen een aantal kinderen in hun klas iets niet klopt. Ze verzuimen dan echter nogal eens om in te grijpen als ze tijdens speeluren zien dat bepaalde kinderen een klasgenootje onder druk zetten. Vaak reageren de surveillanten alleen als de kinderen elkaar fysiek aanpakken. De geestelijke schade door pesten kan echter veel groter zijn dan een pak slaag van een ander kind.

 

Gepeste pubers hebben geen leven

In de puberteit is pesten helemaal een ellende. Een puber is toch al geestelijk niet helemaal in evenwicht door de hormonen en de onregelmatige groei van zijn of haar lichaam. Die onzekerheid kan tot een enorm groot minderwaardigheidsgevoel leiden als de puber op school gepest wordt. Tegenwoordig blijft dat pesten tevens niet meer beperkt tot de schooltijden. Ook buiten de schooltijden kunnen pesters hun pestgedrag met de moderne apparatuur uitbreiden. Via mobiele telefoon, tablet en internet kan men iemand immers zelfs dag en nacht pesten. Lelijke filmpjes en lelijke berichtjes, roddel en achterklap worden supersnel verbreid. De pester kan daarbij zelfs anoniem blijven, wat de mogelijkheid tot verweer al helemaal beperkt.

 

Pesten is, buiten de kleuterleeftijd, van alle leeftijden

Bij volwassenen die op hun werk door collega’s gepest worden, heet het “mobbing”. In feite gaat het echter om hetzelfde onderwerp. Ook de hogere scholen en beroepsopleidingen hebben er blijkbaar last van. Ook daar komen steeds meer bewijzen van naar voren. Volwassen mensen zijn weliswaar iets evenwichtiger, maar op de lange duur kan ook een volwassene er echt ziek van worden, een burn-out krijgen of erger.

 

Kinderen die zelf pesten hebben vaak weinig idee van wat ze aanrichten

De pesters zelf zijn vaak mensen met weinig empathie. Zij kunnen zich moeilijk verplaatsen in andermans aard en andermans gevoelens en denken meestal dat de ander het maar met humor moet oplossen. Zij halen hun eigenwaarde uit het vernederen van anderen. Vaak zijn het dan ook jongeren die moeite hebben met studeren en zelf een minderwaardigheidsgevoel hebben opgebouwd, dat ze met alle macht proberen op te waarderen door over anderen te heersen.

Een “kick”  krijgen van het pesten

Zodra ze zien dat de ander eronder lijdt, geeft hen dat een “kick”. Die kick leidt alleen tot nog meer pesterijen. Het is de taak van ouders en leraren om de jongere te leren dat hij/zij zijn meerwaarde uit de eigen talenten kan halen. Iedereen heeft immers wel iets waar hij goed in is. Juist dat levert meer zelfvertrouwen en zelfrespect op dan het vernederen van anderen. Daarnaast hoort het kind in de opvoeding al op jonge leeftijd te leren om respect voor anderen te hebben. Behalve dat moet het kind leren om medelijden te hebben met mensen (en kinderen) die pijn hebben en minder goed in elkaar zitten. Ook ruzies tussen kinderen onderling moeten niet door hen zelf uitgevochten worden. Tussenkomst van ouders en leraren is altijd noodzakelijk, zeker als de partijen handtastelijk worden.

 

Leraren en onderwijzers moeten letten op het pesten in hun klas

Leraren hebben een groot gedeelte van de dag de jeugd onder hun vleugels. Dat betekent dat zij de jeugd niet alleen les moeten geven, maar in die tijd ook verantwoordelijk zijn voor de opvoeding. De ouders zijn immers niet in de buurt om zaken die verkeerd gaan aan te pakken. Leraren zouden daarom vooral de sociale structuren binnen hun groepen moeten kennen. Dat lukt natuurlijk niet aan het begin van een schooljaar, maar binnen een maand zijn de meeste groepjes wel gevormd en kan men bepaalde structuren herkennen.

 

Les in sociale vorming gaat het pesten tegen

Er moet op basisscholen, voortgezet onderwijs en onderwijs voor beroepsvorming ruimte zijn voor lessen in sociale vorming. Rollenspel kan daar een grote rol in spelen. Kinderen kunnen dan niet alleen leren hoe het voelt om onder aan de sociale ladder te staan, maar leren zo ook gevoel op te brengen voor een ander die het niet zo gemakkelijk heeft als zij zelf. Daarnaast kan men kinderen met weinig zelfvertrouwen daarin sterken en tevens leren hoe zij zich kunnen verdedigen tegen pesters. Vaak letten leraren wel op drukke kinderen die overduidelijk in de klas aanwezig zijn, maar zij zouden ook vooral op de stille kinderen moeten letten. Die vallen meestal in de klas niet op, maar worden wel degelijk beïnvloed door hun klasgenootjes.

 

Geen eigen klas maakt het ontdekken van pestgedrag moeilijker

Op de vervolgscholen heeft elke leraar zijn eigen vak en niet meer zijn of haar eigen klas. Dat maakt het natuurlijk wat moeilijker om structuren te ontdekken dan op de basisschool, maar het is niet onmogelijk. Ook de sociale structuren kunnen tijdens vergaderingen besproken worden. Wat de een niet ziet, ziet de ander wel en als iedereen de ogen open houdt, is het gevaar van grote problemen minder. Uit te bannen is het echter nooit. Dat is een utopie.

 

Een vertrouwensman

Leerlingen moeten bovendien weten naar wie zij met hun problemen naar toe kunnen gaan. Dat moet dan wel iemand zijn die het vertrouwen van de kinderen geniet, een charismatische uitstraling heeft en die het vertrouwen van de kinderen ook niet beschaamt. Op de hele school moet een open structuur zijn, waarin kinderen zich thuis voelen, maar waar tevens een raamwerk van vaste regels is, ook op het sociale vlak, waar iedereen zich aan moet houden. Een duidelijk reglement is daarvoor nodig, maar ook de controle daarop.

 

Contact tussen ouders en school

Het contact tussen ouders en school is soms niet al te goed. Een ouderavond en de “tien minuten gesprekken”, zijn eigenlijk niet genoeg om de echte problemen aan te pakken. Vraag ouders naar de manier waarop hun kind over de school praat. Gaat het er graag naar toe, is het stil en teruggetrokken geworden sinds het schooljaar begon, trekt het zich vaak terug op zijn of haar kamer, enzovoort.

 

Pesten is van alle tijden, maar er is beslist wel wat tegen te doen

De maatschappij is van ons allemaal en iedereen is binnen die maatschappij nodig. De maatschappij moet er voor zorgen dat de jeugd opgevoed wordt in een sociaal klimaat, waarin de sterkeren zorgen voor de zwakkeren en waarin men voor elkaar opkomt.

Opvoeden is niet gemakkelijk, maar iedere ouder wil het beste voor zijn/haar kind. Probeer alert te zijn op eventueel pesten of gepest worden op school, club, stageplaats of werk. Het komt in alle gelederen van onze maatschappij voor.

Aanspreekvormen

Aanspreekvormen zijn heel belangrijk in de maatschappij

Spreek ik iemand met jij en jou of met u aan?

Aanspreekvormen zijn heel belangrijk, hoewel veel mensen zich daar niet van bewust zijn. Tja, hoe hoort het eigenlijk en hoe spreek ik iemand aan? Veel mensen vinden dat de aanspreekvorm “u” ouderwets is en gebruiken die ook niet meer. Zij spreken dan ook iedereen met jij en jou aan. Veel zaken spreken hun klanten ook zo in hun reclames aan. Niet iedereen vindt dat echter prettig. Veel ouderen zijn er niet van gediend en ook zakenmensen houden van wat afstand.

Vooral bij sollicitaties oppassen

Een jonge sollicitant die de personeelschef direct tutoyeert en hem dus met “jij” aanspreekt, zal al meteen een minder goede indruk maken. Zeker als hij in de baan waarnaar hij solliciteert ook contact met klanten moet onderhouden. Veel klanten houden nog steeds van een correcte aanspreking met eventuele titels en daarvoor hoort men dan wel de omgangsvormen te kennen. De aanspreking met “u” biedt afstand. Het zakelijke contact wordt op die manier niet al te persoonlijk en dat is beter, vooral wanneer er op dat zakelijke gebied conflicten ontstaan.

Andere aanspreekvormen

Daarnaast gebruikt men in het buitenland ook een andere aanspreekvorm voor ouderen en vreemden en zeker voor personen die wat hoger in de ranglijst staan en/of diverse titels hebben. Ouders spreekt men in Duitsland, België en Frankrijk nog steeds met het respectvolle “Sie”, “Gij” en “Vous” aan. Als iemand zakelijk veel contact met het buitenland heeft is het wel zo handig om die dingen te weten en te gebruiken. Doet men dat niet dan kan daar wel eens een toekomstige goede relatie door geblokkeerd worden.

Een vorm van respect

Hoe hoort het nu eigenlijk? De etiquette heeft daar een paar eenvoudige regels voor:
– Ouderen en vreemden spreekt men met “u” aan tot deze zelf aangeven dat men hen mag tutoyeren.
– Kinderen tot de puberteit en degenen die er toestemming voor gegeven hebben, mag men tutoyeren.

Leraren tutoyeren

Op sommige scholen is het al gebruikelijk dat de leraren getutoyeerd worden. Men vindt dan dat de leraar op die manier dichter bij zijn pupillen staat en op die manier een beter contact met hen heeft. Mogelijk, maar het is nu eenmaal een feit dat een kind gemakkelijker agressief wordt tegen iemand die hij als zijn gelijke beschouwt en aanspreekt, dan tegen iemand die hij of zij met “mijnheer/mevrouw” en “u” moet aanspreken.

Niemand krijgt vanzelf respect

Natuurlijk: respect moet ook verdiend worden. Dus moet (in dit geval de leraar) ook zijn best doen om zijn pupillen in het leven vooruit te helpen. Hij moet dus niet alleen zijn best doen om zijn pupillen vanuit zijn vakgebied wat bij te brengen. Hij moet vooral ook zijn eigen regels naleven. Het levert immers niets op als hij zijn pupillen straft voor te laat ingeleverd huiswerk, als hij zelf hun proefwerken niet bijtijds nakijkt en te laat in de les verschijnt.

Bepaalde regels zijn nodig

Iedereen heeft natuurlijk zijn eigen ideeën over het omgaan met anderen. Het is nu eenmaal een feit dat u met goede omgangsvormen en een goede sociale moraal verder komt in het leven. Wie anderen met respect behandelt zal meestal zelf ook met meer respect behandeld worden.

In de opvoeding de regels van de omgangsvormen aanleren

Vooral bij de opvoeding en begeleiding van jonge kinderen is het verstandig om eens na te denken over de waarden en omgangsvormen die men hen wil meegeven. Respect voor anderen is daarbij van groot belang. Niet alleen voor de eigen ouders en familieleden, maar ook voor anderen.

Wat is het verschil tussen omgangsvormen en etiquette?

Wat is het verschil tussen omgangsvormen en etiquette?

Omgangsvormen en etiquette zijn niet hetzelfde. Om het maar eenvoudig uit te drukken: de etiquette geeft de vastliggende regels aan voor het omgaan met elkaar. De omgangsvormen zijn die regels, uitgebreid met sociaal gevoel. Iemand kan dus alle etiquette regels goed kennen en uitvoeren, maar ondanks dat overkomen als een botte boer. Een uitgestoken hand betekent immers niet veel goeds als de betreffende er een gezicht als een oorwurm bij trekt. Dat laat de ander voelen: ”ik moet u een hand geven, maar eigenlijk heb ik daar helemaal geen zin in.” De ander voelt zich op die manier meteen al afgewezen.

Etiquette: bedanken voor een cadeautje

Iedereen weet bijvoorbeeld wel dat men moet bedanken voor een cadeautje. Ook dat men iemand bij het kennismaken een hand geeft en zijn naam zegt. Men neemt tevens een presentje of bloemetje voor de gastvrouw mee als men ergens uitgenodigd is om te eten. Deze dingen wordt de meesten van ons al als kind aangeleerd. Heeft men echter goede omgangsvormen, dan drukt men daar ook gevoel bij uit. U laat merken dat u blij bent met het cadeautje, glimlacht vriendelijk bij het begroeten van een ander en maakt van de bloemen een mooi verrassingspakketje. Omgangsvormen zijn echter meer dan uitgebreide etiquette regels. Het betekent ook het meevoelen met anderen (empathie) en rekening met hem of haar houden. Zich kunnen inleven in een ander en hem dan behandelen zoals we zelf, in die situatie ook behandeld zouden willen worden.

Respect voor anderen tonen is een omgangsvorm

Dat betekent dus ook dat we respect moeten tonen voor de andere mens. Respect is echter een raar begrip. De een verstaat eronder dat hij respect van de ander behoort te krijgen. De ander denkt dat hij respect hoort te geven. Beiden zijn waar, maar horen ook bij elkaar. Respect kan men verdienen door respect te tonen. Een leraar die zijn studenten als oud vuil behandelt en een schrikbewind voert zal wel frustraties bij zijn pupillen kweken, maar geen respect. De leraar die zich op verschillende manieren de moeite geeft om zijn pupillen vooruit te helpen zal veel sneller respect en zelfs vaak ook genegenheid ontmoeten.

Agressiviteit en machogedrag

Deze twee houdingen leveren immers nooit respect op, alleen angst, woede en verweer. Goede omgangsvormen zijn daarom een noodzakelijk onderdeel van de opvoeding. Met goede omgangsvormen komt het kind verder in de maatschappij. Het maakt daarbij niet uit of iemand hoog of laag op de maatschappelijke ladder staat.

Goede omgangsvormen maken ook verschil in het zakelijk ondernemen

Ik ken aannemers met prima omgangsvormen die het respect van hun klanten verdiend hebben en ondanks de malaise omkomen in het werk. Ik ken echter ook aannemers die vanwege hun respectloze manier van omgang met hun klanten nu failliet zijn. Dat was het gevolg van het sturen van gepeperde meerwerk rekeningen voor werkzaamheden die uit winstbejag niet op de offerte gezet werden. Ook kan een bouwvakker bijvoorbeeld vaak meer fatsoen in zijn pink hebben dan een bedrijfsmanager. Het is echter een feit dat men met goede omgangsvormen meestal verder in het leven en de maatschappij komt dan met onfatsoen en geweld.

Solliciteren met goede omgangsvormen maakt meer indruk

Een sollicitant die netjes gekleed op de deur klopt van de personeelsmanager, zich netjes voorstelt, de manager met “u” aanspreekt en recht op de aangewezen stoel gaat zitten zal goodwill ontmoeten. Iemand die zonder kloppen meteen binnenvalt, “hoi” zegt en in de eerst de beste stoel hangt met een uitstraling van: “tja, ik moet hier nu eenmaal zijn, maar ik ben wel erg moe en heb er weinig zin in”, zal weer snel zonder arbeidscontract buiten staan.

Goede sociale opvoeding

Goede omgangsvormen zijn vaak het product van een goede, sociale opvoeding. De meeste ouders behandelen hun kind als een uniek en sociaal individu. Zij sturen het op de goede weg en helpen het  in zijn ontwikkeling vooruit. Daarbij gaan ze vaak voorbij aan de eigen behoeften.  Zij zullen bijna automatisch het respect van dat kind ontvangen. Op zijn beurt zal dat kind later ook die aangeleerde sociale houding weer uitdragen en doorgeven aan de eigen kinderen. Op die manier levert het een waardevolle bijdrage aan onze maatschappij.

Lees ook de blog “een betere samenleving” en bekijk tevens het stuk over “opvoeden“.