Samen leven

Samen leven is niemand aangeboren

Samen leven is niemand aangeboren. Een pasgeboren baby is immers een “egoïst” uit noodzaak. Als hij honger heeft, een schone luier nodig heeft, zich verveelt of zich eenzaam voelt, huilt hij. Hij heeft er geen erg in of zijn moeder zich niet lekker voelt, op dat moment net druk bezig is of bezoek heeft. Het huilen is de manier om zijn ouders en verzorgers naar zich toe te roepen. Logisch! De natuur heeft dat goed geregeld, want een baby kan immers niet zelf zijn eten gaan halen, zich wassen en verschonen of gezelschap opzoeken.

De start van het sociale leven en het sociale gevoel

Gaandeweg moet daar echter verandering in komen. Vooral als het kindje eenmaal kan lopen en op onderzoek uitgaat, leert het dat niet alles mag en niet alles kan. Er duiken verboden op en het kind leert op de gelaatsuitdrukking van zijn ouders en anderen te letten. Daar kan hij aan zien wat de goedkeuring, maar ook wat de afkeuring van anderen oproept. Het sociale gevoel ontwikkelt zich. Een kindje van drie jaar kan al medelijden hebben met een ander kindje dat gevallen is en zich pijn gedaan heeft.

De eigen wil ontdekken

Daarnaast ontdekt het kind zijn eigen wil en moet dan vaak kiezen tussen dat wat het zelf wil en de ge- en verboden van anderen. Ook zijn vriendjes en vriendinnetjes willen immers niet altijd zijn zin doen. Gaandeweg leert het dan ook om in bepaalde gevallen toch rekening te houden met anderen. Het begin van het zich aanpassen aan anderen, het samen leven, is begonnen.

Samen leven als volwassenen

Voor ons als volwassenen zou het samen leven dan allemaal gesneden koek moeten zijn, maar niets is minder waar. Elke mens is uniek. Iedereen beleeft geluk en verdriet op een unieke manier. De een doet er jaren over om het verlies van een dierbare te verwerken en een ander blijkt al na een paar maanden op de oude voet verder te leven. Een verkeerde reactie van een ander, hoe goed bedoeld ook, kan soms heel pijnlijk voor de betrokkene zijn.

Voorbeeld van verkeerde omgangsvormen

Zo heb ik eens iemand wat ongeduldig horen zeggen tegen een vrouw die een jaar geleden haar man verloren was, dat ze “er nu toch eigenlijk wel overheen zou moeten zijn”. Een misser van de bovenste plank! Wie kan beoordelen hoe lang en hoeveel verdriet die vrouw mag hebben? Niemand immers. In de praktijk blijkt het vaak moeilijk om goed in te schatten wat een ander voelt en hoe men het beste daarop kan reageren.

Steun geven aan anderen

De ander steun geven is de beste manier om iemand te helpen. Steun en aandacht, maar in onze zeer drukke maatschappij schiet dat laatste er vaak bij in. Meestal denkt men daar aan als men zelf in een moeilijke situatie zit en wat steun zou kunnen gebruiken. Het is iets anders als iemand in zijn verdriet lijkt te zullen verdrinken en zichzelf steeds dieper de put in praat. Dan is het goed om zo iemand eruit te halen. Afleiding is dan vaak goed. Neem zo iemand mee naar buiten, voor een zonnige wandeling, een ritje met een kopje koffie of een ijsje op een terras, of gewoon een gesprek met een groep anderen. Ook het aansluiten bij een vereniging kan goed werken.

Empathie, zich inleven in de situatie van de ander

Een goede manier om te weten wat een goede reactie op een situatie zou zijn is in de schoenen gaan staan van de ander. Zich proberen in te denken in diens situatie, na te denken u men zich dan zou voelen en hem dan behandelen, zoals men zelf (in die situatie) graag behandeld zou willen worden. In 99% van de situaties klopt dat. Blijf echter nooit weg uit angst, omdat u niet weet wat u tegen de ander zou moeten zeggen. Ga er naar toe en leg uit dat u het moeilijk vindt, maar toch graag bij die persoon wilt zijn. Alleen al de aanwezigheid is vaak al een troost voor de ander. Samen leven betekent immers ook mede leven.

Lees ook de blogs “een betere samenleving” en “omgangsvormen en etiquette” en bekijk tevens het stuk over “opvoeden” op mijn website:

Anneke Cornelissens

Ik ben auteur, tekstverwerker en zelfstandig ondernemer en heb thuis een compleet ingericht en goed functionerend kantoor met een goede computer, gecombineerde printer, scanner, enzovoort. Ik heb momenteel een dubbele functie: a. Schrijver (kinder- en jeugdboeken) b. Auteur/docent van schriftelijk lesmateriaal Maar ik werk ook als schrijver/tekstverwerker in opdracht. Informatie: Ik heb 14 jaar aan school gestaan en heb dus ook een volledig, uitgebreid onderwijsdiploma voor het basisonderwijs, inclusief de hoofdakte. Daarna ben ik gaan schrijven en heb in totaal 18 kinderboeken (educatief + sprookjes) en meisjesromans (“Marijke” boeken) uitgegeven via de Zuid/Nederlandse Uitgeverij in Aartselaar (België.) Op het moment werk ik aan twee manuscripten bij diverse uitgeverijen, waarvan een voor volwassenen: een met als onderwerp "Opvoeden" en een ontwerp voor een sprookjesboek voor kinderen van 3 tot 8 jaar, waarvoor de sprookjes al klaar liggen. Daarnaast heb ik in de laatste 22 jaar meer dan 90 schriftelijke lessen (administratief en andere) opgezet in verschillende vakken voor uitgeverijen van schriftelijke cursussen, waarvoor ik ook de huiswerkcorrecties en de beoordeling van de examens voor mijn rekening nam. Ik schrijf heel graag en in een voor iedereen begrijpelijke taal. Zoals u uit het bovenstaande al kunt opmerken ben ik goed onderlegd en zeer breed geïnteresseerd.